Enkele losse ideeën over politiek en economie

Een van de redenen waarom ik de laatste weken niets geschreven heb voor mijn blog is dat mijn ideeën te ambitieus zijn. Ik heb bijvoorbeeld, in al zijn vaagheid, een plan opgevat voor een uiteenzetting over epistemologie, maar zoals ik dat nu voor me zie omvat het bijna de hele wereld. Ik wil het graag schrijven, maar het is nog volop in ontwikkeling en het zou in ieder geval een heel lang schrijfsel worden. Daarnaast heb ik ook zitten nadenken over economie en politiek. Dat kon moeilijk anders met de verkiezingen. Maar bij de gedachten die ik mij over deze onderwerpen vorm heb ik altijd de neiging te denken: die kan ik nu niet opschrijven, ik moet eerst een cursus economie lezen en mij om zo te zeggen het recht verwerven om daarover te mogen praten.

Toch heb ik nu het idee gehad dat ik misschien niet moet wachten met deze tweede groep van ideeën. Ik kan er ook over praten op een meer persoonlijke manier. Dus niet als een specialist die het van alle kanten heeft overwogen, maar simpelweg als iemand die een idee heeft. Op die meer persoonlijke, minder objectieve manier kan ik het wel opschrijven.

 ——-

Idee nr. 1

Ik heb vorige week een aflevering van The West Wing gezien, die me niet loslaat. Het gaat over The Debate, een aflevering uit het zevende en laatste seizoen. In deze aflevering voeren de twee fictionele (Amerikaanse) presidentskandidaten een live uitgezonden debat. Interessant vind ik vooral de manier waarop de republikeinse kandidaat zijn republikeinse ideeën verwoordt en verdedigt en de manier waarop de democratische kandidaat zijn democratische ideeën verwoordt en verdedigt. Ze hebben allebei gelijk in hetgeen ze verdedigen.

Er is echter meer. Ik kijk naar dit debat met in mijn achterhoofd allerlei ideeën die ik heb over politiek en economie. Die ideeën zijn afkomstig van allerlei bronnen, maar de ideeën die zich het meest op de voorgrond bevinden zijn de ideeën die ik bij Rudolf Steiner gelezen heb, omdat ik dat op dit moment relatief gezien de beste ideeën vind. En nu valt het mij op dat er een grote overeenkomst is tussen enerzijds Steiners ideeën en anderzijds de ideeën geformuleerd in het fictionele debat in The West Wing. Te weten: als je de ideeën van de beide fictionele presidentskandidaten tegelijk zou kunnen verwezenlijken, dan zou je al bijna een incarnatie van Steiners politieke ideeën hebben. Natuurlijk zijn er in de werkelijkheid redenen waarom je niet beide denkrichtingen tegelijk zou kunnen verwezenlijken. In de werkelijkheid presenteren ze zich in de regel als polariteiten. Je bent of conservatief, of liberaal. Je kan niet beide willen. In Steiners visie zijn het twee kanten van één zaak, maar dat wil bij hem ook niet zeggen dat je ze zonder meer tegelijk zou kunnen verwezenlijken.

Voor mij als toeschouwer van het debat is het geen verassing te moeten concluderen dat de republikeinse kandidaat gelijk heeft en de democratische ook. Dat verwacht ik ergens wel vanuit mijn steineriaanse ideeën. Wat wel een verrassing is, is hoe scherp de posities in de serie op het punt gesteld zijn waarop je ze vanuit een steineriaans gezichtspunt zou moeten stellen. Het zijn precies die argumenten, van beide kampen, die je zou maken vanuit de steineriaanse achtergrond. Anders gezegd, de debat-aflevering zou op honderd manieren geschreven kunnen zijn, en telkens zou in zekere zin de ene gelijk hebben en de andere ook. Maar in dit geval is het zo gedaan dat het, vanuit de achtergrond van Steiners ideeën beschouwd, precies de punten naar voren haalt waarin de republikeinen gelijk hebben en aan de andere kant precies ook de punten waarin de democraten gelijk hebben.

 ——-

Idee nr. 2

Je moet Steiners ideeën over economie niet zien als een model naast andere modellen, dat is bekend. Tenminste, Steiner hamert er zelf nogal fel op dat het niet zijn bedoeling was een economisch model te ontwerpen. Dat aan de andere kant de idee van sociale driegeleding soms als model beschouwd wordt is natuurlijk even bekend. Maar als je het niet als model moet beschouwen, als wat moet je het dan wel beschouwen?

Antwoord: je kan het je voorstellen als iets waaruit zich naar believen dingen laten ontwikkelen die wel modellen zijn.

Wat bedoel ik? Wat Steiner met zijn ideeën wil is duidelijk genoeg voor degene die zich er iets bij kan voorstellen. Maar zich er iets bij voorstellen is heel vaak het grote struikelblok voor degenen die goed op de hoogte zijn van de economische en politieke theorieën, en dat met goede reden. Wie de pech heeft om goed op de hoogte te zijn, heeft vaak de neiging om Steiners ideeën te willen plaatsen binnen de gangbare kaders van de economische theorie. Maar dan zou hij er een model van moeten maken.

Dit vormt dus een reëel probleem. Steiner verlangt van de lezer of toehoorder dat die openstaat voor een soort van denken naast het denken in modellen. Waarop die alternatieve manier van economisch denken juist op stoelt dat zal wel blijken en of er iets mee kan bereikt worden zal wel blijken – maar het onvooringenomen luisteren naar de ideeën zelf wordt in zekere zin vereist van de lezer of toehoorder. Maakt dat het niet onredelijk moeilijk voor diegenen die examen na examen zich de gangbare economische denkwijze hebben eigen gemaakt?

Daarom, ik stel een gedachte-hulpstukje voor. Stel je voor dat er een ideeëncorpus zou zijn dat niet zelf een vaste en duidelijke vorm heeft, maar dat wel de kracht heeft om, als het dat wil, duidelijke modellen voort te brengen. Dat is ongeveer het soort ding dat de economische en politieke theorie van Steiner is – al is theorie hier niet echt het goede woord.

Waar het voor Steiner op aankomt is niet deze kracht om modellen te kunnen genereren. Het komt aan op de ideeën die eraan ten grondslag liggen. Maar het kan wellicht voor sommigen een hulp zijn om Steiners ideeën te benaderen via de onwezenlijke modellen, al was het maar om zich er iets bij te kunnen voorstellen, en zo pas zijn weg te zoeken naar het wezenlijke waaraan die modellen ontspringen.

——-

Idee nr. 3

Ook in verband met het thema basisinkomen kan je spreken over een barriere. Je krijgt het idee wel uitgelegd aan mensen, maar er is iets anders dan de begrijpelijkheid van de uitleg die mensen vaak belet je ideeën ernstig te nemen. Dat is namelijk het blijkbaar nogal diepgewortelde idee dat men toch moet werken om te verdienen dat men een loon krijgt. Dat voelt men vaak aan als een moreel bezwaar.

Staat daar niet iets zeer voordehandliggends tegenover? Men wil in feite graag de manier waarop mensen aan loon geraken houden zoals het is, “omdat het zo wel eerlijk is”. Maar zoals het is, is het helemaal niet eerlijk. Er zijn heel wat mensen die in het huidige systeem zo goed als niets doen en toch grote lonen opstrijken.

Noot: ik probeer hier eens het omgekeerde te doen van wat meestal gedaan wordt door verdedigers van het basisinkomen, overigens zeer terecht gedaan wordt door die verdedigers. Meestal legt men de nadruk op het feit dat er ook nu al veel mensen (die daar wel recht op hebben, zoals gehandicapten, alleenstaande moeders, kunstenaars …) een uitkering krijgen, en dat geld vinden voor het basisinkomen helemaal niet het probleem is dat het op het eerste gezicht lijkt, in tegendeel. Ik wil er daarentegen ook eens de nadruk op leggen dat er ook nu al veel mensen (die er volgens onze spontane intuïtie geen recht op hebben zoals renteniers, sommige soorten managers, speculanten …) wel een loon krijgen, en dat het morele bezwaar een schijnprobleem is.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s