Het wikipedia-tijdperk

Ik las in de wachtzaal bij de dokter een artikel. Ik denk dat het was in knack wereldtijdschrift. Het ging over hoe de nieuwe sociale media ons leven veranderd hadden, over hoe ze onze manier van met kennis om te gaan veranderd hadden. Er werden mensen aan het woord gelaten die de veranderde situatie heel positief vonden, en mensen die de veranderingen maar niets vonden. Nog het meest op een consensus leek de stelling dat de veranderde situatie nieuwe eisen stelde aan de mens, aan de manier waarop de mens met kennis omgaat. De metafoor die gebruikt werd was die van een kano. Sommige indianenstammen maken een kano door houtstukken bijeen te zoeken en die aaneen te timmeren, vlechten, lijmen of wat dan ook; andere stammen nemen een holle boom en hollen die uit. Net zo kan je twee manieren onderscheiden om als mens met informatie om te gaan. Vroeger moesten we bijeenzoeken wat er te vinden was, nu moeten we uit de overvloed het overtollige wegsnijden. En de zaak is vooral dat dat voor ons nu een moeilijke aanpassing is.

Ik zeg het, ik weet niet meer in welk tijdschrift het was, alleen dat het in de wachtzaal van de dokter was, en het is al een maand geleden. Ik zou het kunnen opzoeken, natuurlijk, maar het doet er niet toe welk artikel het juist was. Ik wil het alleen hebben over die ene gedachte.

Komt het erop aan dat we ons gaan moeten aanpassen aan de nieuwe manier van omgaan met kennis, namelijk dat we zullen moeten gaan filteren in plaats van bijeen te rapen?

Nee, volgens mij is de hoofdzaak iets anders. De belangrijke vraag lijkt mij: wat is de beste omgeving om als mens in geplaatst te worden? Specifiek: welke omgeving om in op te groeien bevordert het meest het juist omgaan met kennis? Er is in de geschiedenis zoveel weten vergaard, op welke manier kan een mens het best profiteren van al die kennis? Is het in het wikipedia-tijdperk? Is het in de twintigste eeuw, maar vóór de opkomst van het internet? In het universiteitsleven van honderd, hondervijftig jaar geleden? In een middeleeuws klooster ten tijde van de hoogscholastiek? In de oudheid? …

Dat is wat ik wil weten als ik een artikel lees over hoe internet alles veranderd heeft. Is het nu beter? Per slot van rekening is dat ook de snaar die de journalisten typisch willen aanslaan als ze een titel kiezen voor hun artikel.

Het antwoord: “het is voor ons moeilijk om de omschakeling te gaan maken naar een heel andere manier om met kennis om te gaan” heeft iets merkwaardigs. Het lijkt eigenlijk de hoofdzaak in het oog te vatten. Niet waar, de hoofdzaak is dat we de vooruitgang toch niet gaan tegenhouden (als we het al zouden willen), en dat we ons vroeg of laat zullen moeten aanpassen. Tegelijk geloof ik dat het naast de kwestie is, wanneer men zich strikt oriënteert op de vraag “is het nu beter of slechter?” Ik leg dit uit.

Er zijn twee mogelijkheden. Ofwel is het nu beter. Dan is het volkomen terecht om te stellen dat we ons zo goed mogelijk en zo snel mogelijk moeten aanpassen aan de nieuwe manieren van met informatie om te gaan.

Ofwel is het nu minder goed. (Ik wil me daar hier trouwens niet over uitspreken.) Wat zou het dan willen zeggen dat we ons moeten aanpassen? Dit: we houden de vooruitgang niet tegen, we gaan ons moeten aanpassen aan de vooruitgang, aan de nieuwe manieren waarop we met informatie zullen moeten omgaan – hoewel ze eigenlijk minder goed zijn dan de oude. Of ze zijn even goed als de oude, of ze zijn langs de ene kant beter, maar langs de andere kant slechter dan de oude, dat doet er eigenlijk weinig toe.

Deze tweede mogelijkheid heeft nu toch een absurd kantje. Eigenlijk wil dit niets anders zeggen dan: ten eerste, er is een kloof tussen het tempo van de vooruitgang en het tempo waarmee wij ons aanpassen; ten tweede, eigenlijk is het oude beter; ten derde, desondanks is het goed om het snelle, slechtere, tempo als de norm en het streefdoel te beschouwen, en niet niet het tragere, betere tempo. M.a.w. het is moeilijk om ons aan te passen, omdat wij de weerstand ondervinden van de oude manieren van met informatie om te gaan, waaraan we beter gewend zijn. Eigenlijk zijn die wel beter, maar toch moeten we onze weerstand overwinnen en streven naar de nieuwe maniere.

Ik denk dat ik heb aangetoond dat de tweede mogelijkheid absurd is. Geen zinvol criterium kan doen besluiten dat als de zaak zo zou zitten, we op het goede spoor zouden zijn.

Ik keer terug naar het uitgangspunt. Er waren twee mogelijkheden, ofwel is de vooruitgang goed, en dan is het juist dat we ons moeten aanpassen; ofwel is de vooruitgang niet goed, en dan is het eigenlijk absurd dat we ons zouden moeten aanpassen.

Op basis hiervan besluit ik, dat de hoofdzaak niet is dat we ons zullen moeten aanpassen. Dan mag het nog lijken dat dat in de praktijk hetgene is waar het op aankomt. Nee, de hoofdzaak blijft of de vooruitgang goed is of niet.

Conclusie

In het artikel wordt de vraag gesteld of de vooruitgang goed of slecht is, en het antwoord dat gegeven wordt is dat het daar niet op aankomt, maar in tegendeel op hoe we ons kunnen aanpassen. Misschien is dat een zinvol perspectief, maar het is geen antwoord op de vraag.

 

Edit: de eigenlijke reden om dit te schrijven was klaarheid te verkrijgen over iets aan het artikel dat mij bij het lezen het gevoel had gegeven dat het niet pluis was. Maar wat was dat iets? Dat is in wat ik geschreven heb helemaal niet duidelijk uitgekomen.

Het is: de eigenaardige manier waarop de stelling “dit is de toekomst” overspringt in “daarom moet het ook nu ons handelen bepalen”.

Terwijl ik denk: wat we denken dat het juiste is moet ons handelen bepalen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s